IMG_1922.JPG
Lezing

Hoe kijken naar kunst je een betere arts kan maken

Portretkunst | Artsen | Leren Kijken

Sinds een jaar of drie werkt de afdeling Kunstgeschiedenis van de Rijksuniversiteit Groningen samen met het Universitair Medisch Centrum Groningen, om artsen in opleiding kennis te laten maken met kunst. Dat gebeurt niet (alleen) omdat het een fijne activiteit is, maar omdat het kijken naar kunst de jonge artsen kan helpen een betere dokter te worden. Kunstspot ging naar een lezing voor het KNMG van prof. dr. Ann-Sophie Lehmann, hoogleraar Kunstgeschiedenis, om hier meer over te weten te komen.

Er zijn twee doelen van het programma in Groningen. Het eerste doel is het trainen van visuele geletterdheid. Dat betekent eigenlijk dat je leert om zichtbare dingen te interpreteren en kritisch te evalueren, iets waar een dokter natuurlijk elke dag mee te maken heeft in de vorm van patiënten en hun kwalen. Het tweede doel heeft ook te maken met patiënten, dat is namelijk het trainen van empathie. Dat houdt in dat de artsen in spe worden getraind in het zich verplaatsen in de patiënten.

Het mooie van kunstwerken is dat je er heel lang naar kan kijken. Bij mensen is dat lastiger, die kijken terug.

Hoe doe je dat dan? De artsen worden gevraagd om binnen verschillende thema’s naar kunstwerken te kijken waarop menselijke lichamen zijn te zien. Thema’s als intimiteit, seksualiteit, gender-ambiguïteit en de dood komen daarbij aan bod. Tijdens het kijken wordt de artsen gevraagd om iets over het werk te zeggen, op basis van wat ze zien. Eigenlijk doen we dat ook bij mensen: we zien iemands gender, leeftijd, lichaam en op basis van al die informatie maakt ons brein een plaatje. Dat doen we ontzettend snel, allemaal tegelijk. Een portret kun je ook op die manier ervaren: je ziet tegelijkertijd een kunstwerk, het oppervlak, en een persoon. Het mooie van kunstwerken is dat je er heel lang naar kan kijken. Bij mensen is dat lastiger, die kijken terug.

Door langer de tijd te nemen om het beeld goed te bekijken en te analyseren, komen de artsen erachter dat ze vaak te snel een oordeel vellen. Het uitgebreid bespreken van een kunstwerk kan artsen helpt inzien dat je iets vanuit meerdere perspectieven kan bekijken, en dus op verschillende manieren kan interpreteren.

In de afgelopen drie jaar zijn de kunsthistorici en artsen bijvoorbeeld samen naar de tentoonstelling Rodin – Genius at Work geweest in het Groninger Museum, waar veel sculpturen van naakte lichamen waren te zien. Dit deden ze in het licht van het thema ‘intimiteit en seksualiteit’. In de tentoonstelling waren kopieën van beelden die konden worden aangeraakt, waardoor er volop onderzoek kon worden gedaan naar deze ‘lichamen’. Naast het bezoeken van tentoonstellingen kan er ook een actievere rol worden gevraagd van deelnemers aan het programma, bijvoorbeeld door ze een modeltekenles te laten volgen. Ook hier worden ze geconfronteerd met een lichaam, maar dit keer van een echt iemand. Hier geldt wederom dat goed kijken cruciaal is. Immers: als je iemand niet goed observeert, kun je iemand ook niet goed natekenen. Verder werkt de afdeling Kunstgeschiedenis ook samen met kunstenaar Annemarie Busschers, die meer dan levensgrote portretten maakt. Busschers beeldt mensen af zoals ze zijn, zonder het weghalen van imperfecties of tekenen van ziekte. Een arts kan veel halen uit juist die elementen van het kunstwerk, en daarmee leent haar werk zich bij uitstek om het observatievermogen van de artsen in opleiding te trainen: die worden aangemoedigd zorgvuldig te kijken en zich in de afgebeelde persoon te verplaatsen, voordat ze er een oordeel over vellen. Een ding is zeker: arts of niet, we kunnen allemaal veel leren van het kijken naar kunst.

Tekst en beeld: Iris Rijnsewijn

Gerelateerde verhalen

Cookieverklaring

Deze website maakt gebruik van cookies om je websitebezoek ‘slimmer’ te maken en omwille van statistieken.
Meer weten? Lees onze cookie-verklaring of pas je instellingen aan.

Deel nu:
Scroll To Top